Jef & Herlinde De Vriese
 

'Gods Woord
naar harten en huizen van mensen'

 

Ons beste advies    :   Lees de Bijbel, bid elke dag

Welkom op onze site!

Artikelen

Steun ons werk

 

Relaties

De tweede mijl Artikel in pdf


De betekenis van Matteüs 5:41

Jef De Vriese

1. Inleiding
Leven in het Koninkrijk van God is onderworpen aan wetmatigheden. Deze wetten zijn reeds in het Oude Testament vastgelegd. De wet van God stelt principes waarnaar het leven in het Koninkrijk gemodelleerd moet worden.
De Schriftgeleerden en de farizeeërs hebben Gods levens-wet omgebogen tot een wettische regel-wet. Wanneer Jezus naar Gods geboden verwijst als naar “Geest en leven” (Joh.6:63), benadert Hij de wet niet vanuit de uiterlijke oppervlakkige regelgeving, die in de Joods traditie aangevuld werd met menselijke regels, maar vanuit het onderliggende levensprincipe. In de bergrede verlaat Jezus geenszins de wet, alsof deze als levens-richtsnoer afgedaan zou hebben, maar toont Hij aan dat Zijn onderwijs in overeenstemming is met de wet, namelijk met de levensprincipes die gelden wanneer iemand zout der aarde en licht der wereld wil zijn. Wie het beeld van God wil weerspiegelen, leert in de bergrede hoe dat kan. De gerechtigheid waartoe de bergrede oproept, gaat verder dan die van de schriftgeleerden (vs.20). Zij is immers niet gebaseerd op menselijk vermogen, maar op het leven als arme van geest (vs.3), op wat iemand is die hoopt op Gods genade.
De bergrede is niet tegen de wet van Mozes en vervangt ze ook niet door andere gedragsregeltjes (de andere wang, de tweede mijl). De bergrede ondersteunt de geestelijke principes van de wet. Om dit te illustreren stelt Jezus verschillende misbruiken van de wet aan de kaak en plaatst daar tegenover de gerechtigheid van iemand die leeft vanuit God. Hij toont aan hoe de wet buiten spel wordt gezet en van levenskracht wordt beroofd in de wijze waarop wordt omgegaan met moord (vs.21-26), overspel (vs.27-30), echtscheiding (vs.31-32), zweren (vs.33-37), het zoeken van recht (vs.38-42) en de liefde (vs.43-47). Het principe van ‘de tweede mijl’ valt onder het thema ‘het zoeken van recht’, of beter: de bereidheid om omwille van het Koninkrijk onrecht te ondergaan en breder: een houding van gevende liefde tegenover een de egocentrische houding die er op uit is te nemen .
Kern van de aanklacht die Jezus neerlegt tegen de farizeeërs is dat ze de wet gebruiken en interpreteren vanuit egocentrisme. De wet van de liefde die onvoorwaardelijk geeft, wordt door hen ondermijnd. Zij proberen aan de wet grenzen te stellen die als drijfkracht het eigen recht om dingen voor zichzelf op te eisen hebben, en geenszins in overeenstemming zijn met de gevende genade van het Gods liefde .

2. Zoek je recht niet
De farizeeërs gebruiken de wet “Oog om oog en tand om tand” (vs.38) met het oog op het ontvangen van persoonlijke genoegdoening wanneer iemand hun schade berokkent.
De wet daarentegen heeft als doel uitwassen van wraak te voorkomen. Het is een spontane menselijke reactie terug te slaan wanneer onrecht wordt aangedaan, en liefst iets harder. De wet voorkomt daarom dergelijke willekeurige vergelding en stelt een gecontroleerde rechtvaardige strafmaat voor, die in overeenstemming is met de overtreding. De wet perkt individuele wraak in en draagt de rechtspraak over aan de maatschappelijke verantwoordelijkheid. Rechtspraak en vergelding is voor de wet een aangelegenheid van de overheid, niet van een individu dat het recht in eigen hand neemt.
Spreuken 24:29 stelt: “Zeg niet: Zoals hij mij deed, zo zal ik hem doen; ik vergeld de man naar zijn doen.” Wat Spreuken afwijst wordt door de farizeeërs onderwezen. Hun egocentrische interpretatie van de wet, die gericht is op het bereiken van hun persoonlijke doelstellingen, schakelt precies dat uit wat God wil te bereiken.
In dat kader zegt Jezus: “Maar ik zeg u, de boze niet te weerstaan.” Hij roept je op, je niet te verzetten tegen onrecht dat jou wordt aangedaan. Het principe van het Koninkrijk waarop Hij terug valt is: “Zalig de vervolgden om der gerechtigheid wil, want hunner is het koninkrijk der hemelen” (vs.10). Wat maak je je druk om per se vergelding te ontvangen voor de schade die aan jou is aangericht, wanneer er een hemelse heerlijkheid op jou ligt te wachten? Waarom zou je de oude mens en zijn begeerten niet gekruisigd achten, in plaats van een egocentrisch leven te leiden en je gelijk te zoeken?
Ben je dan niet bereid om in de voetstappen van Jezus te wandelen en omwille van het verspreiden van Gods genade onrecht te verdragen? Waarom zou je niet bereid zijn om onrecht te verdragen in plaats van de wet van God te gebruiken voor jezelf (zoals de schriftgeleerden dat deden)?
Het doel van Jezus is richtlijnen te geven voor het leven in Gods Koninkrijk. Deze richtlijnen worden gegeven in de vorm van zaligsprekingen, voor hen die arm zijn van geest, voor hen die zalig zijn omdat ze treuren over hun zonde, voor hen die lijden onder de verdorvenheid van een wereld die niet leeft volgens Gods principes. Die mensen worden opgeroepen hen die hen kwaad berokkenen niet te weerstaan. Dat betekent: laat je reactiepatroon niet bepalen door het kwade. Je moet zonde niet met gelijke munt betaald zetten. Zonde moet je niet met wraak beantwoorden. Het zijn immers de zachtmoedigen die de aarde beërven! God zal hun recht verdedigen (vgl. Spr.20:22) en hen een nieuwe hemel en een nieuwe aarde toevertrouwen. Heeft leven in Gods koninkrijk niet alles te maken met gevende liefde, in plaats van met het nemen en opeisen van rechten?
Jezus reikt dus een geestelijke instelling aan die compleet tegenovergesteld is aan de geest van de wereld. In Gods koninkrijk kan de ik-gerichte boosheid van de wereld geen stand houden. In Gods koninkrijk is het levensprincipe dat van de liefde, uitsluitend leefbaar door mensen die door wedergeboorte deel hebben aan de goddelijke natuur. Alleen die mensen kunnen het kwade overwinnen door het goede (Rom.12:21)

3. Vier toepassingen

Keer ook je andere wang toe
Wie u een slag geeft op de rechterwang, keer hem ook de andere toe.
Geef de houding van wraak en verdediging om je recht te zoeken maar op door de bereidheid om de volle lading van het onrecht te incasseren. Wanneer iemand je slaat, dan is de spontane reactie de onmiddellijke verdediging. Wees, in plaats van genoegdoening te vragen voor het onrecht, maar bereid om nog meer onrecht te dragen en daardoor je licht in de wereld te laten schijnen. Zoek hoe je genade kan geven, in plaats van door jouw reactie ruimte te geven aan datgene wat Gods tegenstander graag wil: een egocentrisch leven vol zelfverdediging, zodat het licht van de goddelijke liefde niet kan schijnen.

Laat ook je mantel
Wil iemand met u rechten en uw hemd nemen, laat hem ook uw mantel.
De mens zonder God, is geneigd om op zijn recht te staan. Hij schenkt meer belang aan zijn rechten dan aan zijn verantwoordelijkheden. Zeker wanneer het onmisbare wordt weggenomen, is een tegenreactie heel menselijk. Zonder hemd kan je misschien nog even verder, maar zonder mantel krijg je kou en ben je zonder bescherming. Toch vraagt Jezus dat als datgene wat je dierbaar is aangeslagen wordt, je bereid zou zijn het volle nadeel te ondergaan. Sta niet op je rechten, maar stel e de vraag hoe je het licht het best kunt laten schijnen.

Ga een tweede mijl
Zal iemand u voor één mijl pressen, ga er twee met hem.
De Joden werden geprest om onder de Romeinse overheersing de lasten te dragen van de Romeinse bezetter. Zit je in een positie dat je wordt uitgebuit, wees dan ten volle bereid dwangarbeid te verrichten.
Het gaat hier niet om een regel in de zin van ‘vraagt iemand één mijl, ga er dan twee’. Een farizeeërinterpretatie zou kunnen zijn dat je in elk geval geen drie mijl hoeft te gaan! Jezus heeft het echter over de ingesteldheid van ons hart: dwingt iemand jou iets te doen dat ongelegen of ongewenst is, zoek dan niet je eigen behoeften te verdedigen, maar handel in liefde ten voordele van de ander, ook al is het je vijand die iets vraagt.
Die extra mijl gaan komt altijd ongelegen. Wanneer die soldaat langs komt en je opeist, was je net bezig met andere dingen die belangrijk waren voor jezelf. Dat weet diegene die extra van je vraagt ook. Hij vraagt meer dan wat voor jou wenselijk en redelijk is. Hij weet dat een dergelijke vraag ongetwijfeld tegenzin en bitterheid uit zal lokken. Niemand geeft graag op wat hij belangrijk acht. Wanneer je in zo’n situatie bovenop het gevraagde nog meer geeft, dan handel je op een manier die zeer ongewoon is. Wanneer je niet reageert met zelfverdediging of niet probeert het allerminste te doen wat wordt geëist, wordt jouw leven licht en zout. De ander vraagt zich dan ongetwijfeld af wat er mis is met jou… Wat is er dan in jouw leven dat je met blijmoedigheid datgene wat je toebehoort laat wegnemen (Hebr.10:34) en daar bovenop nog meer geeft?

Geef wat je hebt
Geef hem, die van u vraagt, en wijs hem niet af, die van u wil lenen.
Zit niet met je volle gewicht op je eigendom, maar wees bereid het te laten gebruiken door hen die daarom vragen.
Dit is geen aanmoediging om zonder nadenken alles weg te geven (sommigen maken immers misbruik), maar een vraag naar het principe van gewilligheid om wat je hebt los te laten en het te laten gebruiken door anderen. Probeer niet alle binnen te halen en te houden in jouw materieel voordeel, maar geeft zoals God geeft.
De basisproblematiek die Jezus aankaart is dat wie in Gods Koninkrijk leeft, en licht en zout der aarde wil zijn, geen zorgen moet wijden aan een egocentrisch leven. Zijn gedrevenheid moet liggen in een heilig leven (vs.48), niet voor het oog van de mensen (6:1-4), vanuit een persoonlijke relatie met de Vader (6:5-18), onverdeeld het oog gericht op de hemel, en niet op mensen of materiële zaken (6:19-34).
Uitsluitend een ik, dat gestorven en gekruisigd is met Christus, kan een dergelijk leven leiden. Dan leef je niet vanuit een kosten-baten-balans, waarin alles wordt afgewogen naar je voor- of nadeel, en je probeert het laken naar je toe te trekken. Je leven is immers met Christus verborgen in God. Wat werkelijk telt kan jou dan niet meer worden afgenomen. Je bent volledig vrij gesteld van het vergankelijke, en leeft nu voor het onvergankelijke. Je bent vrij van de dingen waaraan de wereld zich vastklampt. Je bent beschikbaar om te wandelen in de voetstappen van Jezus. Wanneer iemand in je prikt, komt er genade uit. Wanneer iemand je behoeften verwaarloost, vind je het belangrijker een spiegel van God te zijn, dan je rechten op te eisen. Je bent bevrijd van de motieven die gelden in de wereld, en vrijgesteld om God te dienen.
Als je ten onrechte behandeld wordt, zoek je dan jezelf en vecht je voor je verdediging, of is je hoop gevestigd op de hemelse rechter, wiens Koninkrijk wij zullen beërven?

4. IJver voor Gods huis
Nogmaals: de voorbeelden die Jezus noemt zijn geen wettische regeltjes om na te volgen, maar duiden principes aan en een mogelijke toepassing in bepaalde situaties. Soms leidt het principe van Gods Koninkrijk juist wel tot staan op je rechten (bv. Paulus beroept zich op zijn burgerschap (Hand.22:25) en tot agressie (vb. Jezus veegt de tempel schoon in Joh.2:13-25 en vermaant de soldaat die hem op de wang slaat in Joh.18:23). Maar noch bij Paulus, noch bij Jezus gaat het om gevallen van zelfverdediging en het bekomen van hun persoonlijk voordeel. Jezus, die temidden van Zijn doodstrijd zorg besteedt aan het geestelijk welzijn van zijn moordenaars (Luc.23:34), én Paulus, die wanneer hij werd uitgescholden zegende (1Kor:4:12), hebben beiden ten volle bewezen bereid te zijn onrecht te verdragen. Indien zij in deze gevallen op hun rechten stonden, stond niet hun zelfverdediging voor ogen, maar het zoeken naar de beste manier om Gods eer en wil ten volle te verdedigen en te dienen. “De ijver voor uw huis zal mij verteren” (Joh.12:17). Welke ijver verteert ons?
Bevrijding van onrecht zoek je niet via een wereldse rechter (vgl. 1Kor.6:6-7), maar bij God. Als je zó leeft, ervaar je het appèl dat op jou wordt gedaan om jezelf te ontledigen en de gestalte van een dienstknecht aan te nemen, ook tegenover wie onrechtmatig vraagt, niet als een bedreiging. Jouw doel is dan in alle omstandigheden Gods eer en karakter op een optimale wijze ten toon spreiden, niet jezelf te verdedigen. Je ondergaat onrecht dan niet als een slachtoffer dat slaafs onderworpen is aan de eis van de ander. Je leeft als iemand die innerlijk bevrijd is van het voldoen aan de eigen behoeften. Je bent ongebonden. Je leeft vanuit de innerlijke kracht die Gods Geest geeft aan hen wier gedrevenheid is, licht en zout te zijn in de wereld. Licht schijnt het hardst in de duisternis. Zout geeft het meest smaak in een zoutloze omgeving. Licht en zout werken het best in een omgeving die het kapot willen maken. Wie licht en zout is, heeft vriend én vijand op een praktische wijze lief. Niet een geestelijke preek, maar het praktisch voorbeeld van het dagelijks leven maakt dan duidelijk wie God is (vgl. 1Petr.3:1-2). Dát onderscheidt hem van iemand die niet leeft onder de regels van het Koninkrijk (vs.43-47). De vrucht van de Geest wordt juist zichtbaar in een omgeving die haar probeert te vernietigen.
Jezus roept je op: “Gij zult niet begeren”, “Gij zult niet stelen”. Hij klaagt de houding aan die zichzelf voedt en koestert, die er steeds op gericht is het laken naar zich toe te trekken. Hij moedigt aan om gevend, zoals God geeft, door het leven te gaan. Is dat geen doel om na te streven? Zou je geen man of vrouw van gevende genade kunnen zijn? Dan ben je zout en licht voor de wereld.
En de vrucht voor jezelf? De vrucht voor jezelf is genade van God (vgl. 1 Petr.2:19), een vreedzame vrucht die bestaat in gerechtigheid (Hebr.12:11)

 

Top!

 

 

Samen op de sofa

Gespreksthema's
voor echtparen


Meer info

Recent geplaatst

19/09/17 - Bijbels dagboek week 39
15/09/17 - Bijbels dagboek week 38
11/05/11 - Gedicht 'Lijden'
01/12/16 - Lied 'Vertrouw op de HEERE'

Het Laatste Woord

De enige weg naar heerlijkheid loopt via verdrukking. (Jef)

Blijf op de hoogte!

Volg ons op FacebookaVolg ons op TwitteraLinkedIna luister op SoundClouda podcast op iTunes  

 

Copyright www.devriese.eu. All Rights Reserved

Bijbels Dagboek - Gedichten en Muziek - Vragen - Echtscheiding en Hertrouwen - Geestelijk leven - Gemeente - Gebed - God - Huwelijk - Leiderschap - Lijden -
Opvoeding - Pastoraat - Pastorale Counseling - Postmodernisme - Relaties - Samen op de sofa - Seksualiteit - Vergeving - Vrouw